“ Wild is the wind” staat op Bowie’s Station To
Station. Ik kende het alleen van Nina Simone. Het origineel blijkt een prachtige
melancholische ballad te zijn. Johnny Mathis is een MOR zanger, maar in dit
nummer klopt alles. Het is niet zo gek dat David Bowie dit coverde. Ook Nina
Simone zelf komt in dit lijstje voorbij. Met een cover van een countrynummer.
Om te laten horen hoe ze zo’n nummer helemaal naar zich toe kan trekken, heb ik
het origineel er achter gezet. Dat origineel is ook niet te versmaden zo goed. Daarna
nog een keertje Bob Dylan. Ik vind zijn bootleg cd’s minstens net zo goed als
zijn originele lp’s. En hoe goed Dylan ook is, er zijn genoeg covers die op
dezelfde hoogte staan als de originelen. De vraag wat beter is, de cover of het
origineel, vind ik niet zo interessant. Dylan covers leveren nog steeds vaak
hele mooie muziek op. Willie Nelson heeft een paar hele goede Dylan covers op
zijn naam staan. Van de film Broke Back Mountian, je weet wel die homocowboyfilm,
vond ik de aftiteling het mooist. Daaronder zit een prachtig nummer van Willie
Nelson (He was a friend of mine). Dat heb ik al eens in een lijstje gezet. Op
17 september 2013 om precies te zijn. Daarom nu een andere Dylan cover. Uit de
Dylan biopic.
Zeker uit de jaren 70 ken ik veel meer muziek van papier dan van horen.
Over heel veel lp’s heb ik ooit wel wat gelezen, of ik heb de hoezen gezien.
Maar de muziek nooit gehoord. Will the circle be unbroken is zo’n lp die ik wel
ken uit de bakken, maar nooit had gehoord, Spotify is de ideale manier om ze
eens te luisteren. En zoals ik al verwachtte is het een hele mooie lp. De naam
Hank Snow ken ik ook wel. Het is een van de grootste country sterren uit de
jaren 40 en 50. Maar ook daar had ik tot voor kort nooit iets van gehoord. Ook
weer geheel ten onrechte blijkt. Ook zijn er lp’s die ik niet vaak genoeg kan
pushen. Zoals Roots van The Everly Brothers. Minstens net zo goed als de eerste
Gram Parsons lp’s. Een werkelijk meesterwerk uit de eerste generatie countryrock
lp’s.
She moves through the fair is het allermooist in
de versie van Sandy Denny. Maar het is oneerlijk om een vergelijking met Sandy
Denny te maken. Dat verliest iedereen. Sandy Denny komt ook niet zo heel vaak
voor in mijn lijstjes (1 keer om precies te zijn). Dat komt omdat ik vaak
helemaal stuk ben na een nummer van haar. Bijna alles wat ik daarna luister
valt dan in het niet. Dan zou ik een lijstje moeten maken met alleen Banks of
the Nile. Als ik dat nummer heb gehoord blijf ik nog steeds verbijsterd achter.
De live versie van Stranger then kindness van Nick Cave vind ik veel beter dan
de studio-uitvoering. You’re funaral my trial is nooit een lp van Nick Cave
geweest die mij geïmponeerd heeft. Als afsluiter een nummer van Melody Margot,
die een van de beste cd’s van 2015 heeft gemaakt.
Johnny Mathis
– Wild Is The Wind
The
Greenhornes – There Is An End
Nina Simone –
Mr. Bojangles
Jerry Jeff
Walker - Mr. Bojangles
Bob Dylan – Nobody
‘Cept You
Melody Gardot
Willie Nelson
& Calexico – Senor
Nitty Gritty Dirt
Band – Will The Circle Be Unbroken
Hank Snow –
The Convict And The Rose
The Everly
Brothers – Shady Grove
The Chieftain feat Sinead O Connor - She Moves Through The
Fair
Tot mijn schrik heb ik sinds 20 oktober geen nieuwe lijstjes meer gepubliceerd. Ik heb al een hele tijd een aantal lijstjes liggen. Maar ze wilden niet echt lukken. Of het werd weer een lijstje met rustige singer songwriter nummers. En ik luister toch ook echt naar andere muziek. Met dit lijstje ben ik al in oktober begonnen. En nu ben ik er wel tevreden over. Het begon met een nummer van Curtis Harding. Een nieuweling in het moderne soul genre. Het aardige van de hele lp is dat het niet al te retro klinkt. Soms klinken dit soort platen wel erg als het proberen te reconstrueren van het klassieke southern soul geluid. Dat doet Harding niet. Melody Gardot is een opmerkelijk talent. De lp is geproduceerd door Larry Klein. Vooral bekend van zijn werk voor Joni Mitchell (Dog eat dog, Chalk Mark in a Rain Storm).
Vorig jaar maakten Sly & Robbie een hele goed dub lp met Paul “Groucho” Smykle. Zo’n 30 jaar na de briljante lp The Dub Factor. Het nummer Satin Fall is een bewerking van het nummer Kunta Kinte. Dat was een remix van een nummer van The Revolutionaries. En wie waren dat dan? Inderdaad ook Sly & Robbie. En wie maakte die remix. Paul Smykle. Die overigens begon als ontwerper van lp hoezen. Het nummer van het Engelse Misty in Roots hoorde ik bij een tv serie. Lang leve Shazam. Wat wel bijzonder aan dit nummer is, is dat de tekst vooral uit delen van andere reggaenummers bestaat. The Taxi Gang is natuurlijk opnieuw Sly & Robbie (ja ik ben groot fan). Het meeste niet-reggae werk van hun vind ik niet echt goed. Alleen de nummers die ergens op de grens van reggae en funk zitten zijn vaak wel goed, zoals de meeste nummers die ze met Grace Jones hebben gemaakt. En dit nummer. Jungle Boogie komt nog een keer terug in een nummer van EPMD. Rap van eind jaren 80. Toen vond ik hip hop, soms, nog leuk. De gangster rappers maakten er een eind aan. Om te laten horen dat het genre soms wel iets heeft nog enkele voorbeelden van begin jaren 90. En ter promotie van de geweldige lp Food staan in deze lijst twee nummers van Kelis. De platen die ze met Pharrel
Williams rond de millenniumwisseling maakte zijn ook erg goed. Dit is zoals moderne soul hoort te klinken.
1.Curtis Harding – I Need A Friend 2.Melody Gardot – Same To You 3.Sly & Robbie – Satin Fall 4.Misty In Roots – True Rasta 5.Taxi Gang – Jungle Boogie 6.Kelis – Forever Be 7.Salmonella Dub – Push On Thru 8.EPMD – You Got To Chill 9.Mad Professor - Kunta Kinte 10.My Baby – Seeing Red 11.Dango Django – 4000 Years 12.J. Dilla - Fuck The Police 13.Tribe Calles Quest – Check The Rhime 14.Young MC – Know How 15.Dough Wimbish – Arabic Cat 16.Kelis - Change
Deze week een lijstje met
‘recent’materiaal. Dat wil zeggen van platen uit 2015 of 2014. Ik ben niet zo
actueel. Het zijn nummers van platen die ik in mijn lijstje favorieten vond. Een
deel van wat er in mijn favorieten staat haalt een keer het officiële lijstje.
Maar er blijft ook altijd mooi materiaal liggen. Vooral omdat na verloop van
tijd een nummer wegzakt op de lijst favorieten. Van de periode 2014- 2015 had
ik nog een stuk of 50 nummers bij de favorieten staan. Met vooral veel singer
songwriter materiaal. Waarbij vrouwen duidelijk oververtegenwoordigd zijn. Na
een paar keer luisteren van de lijst hield ik 25 nummers over. Met vooral namen
van mensen waar ik voor die tijd nog nooit van gehoord had. Wat overigens niet
wil zeggen dat het allemaal jonkies zijn. Ik heb even wat namen opgezocht. Pieta Brown (42)
John Grant (47) Sophie Hunger (33), Lianne La Havas (26), Damien Rice (41),
Bryan Ferry (70), Beck (45), Holly Golightly (49) Jacco Gardner (27), Lana Del
Rey (30). Met als afsluiter een nummer
van de laatste cd van de vorig jaar overleden Jack Bruce.
Het werk van Nina Simone
waaiert alle kanten op. Vaak op 1 lp. Het gaat van gospels en blues naar georchestreerde
ballads en Franse Chansons. Die enorme diversiteit maakt echter ook dat ik lang
niet alles leuk vind. Het zijn altijd afzonderlijke liedjes tussen de vele
stijlen die ik leuk vind. Enige tijd terug heb ik er een groot aantal bij
elkaar gezet. In dit lijstje daarom veel Nina Simone. Ik vond het wat saai om
alleen maar Nina Simone te doen.
Dus ik heb er wat nummers uit andere potentiële
lijstjes aan toegevoegd. Ik heb namelijk heel veel opzetjes van lijstjes
liggen. Die komen eigenlijk nooit zo als ze gemaakt worden op de publieke
lijst. Dus zo ben ik begonnen om te bekijken wat ik rond Nina Simone wilde
laten horen. Zo luisterde ik nog weer eens naar Astral Weeks van Van Morrison.
En mijn mening over die plaat is in de loop van 30 jaar niet veranderd. Niet
echt goed. Toen ik lp net op een bandje had staan heb ik hem vrij vaak
beluisterd. Het was immers het meesterwerk van Van The Man. Maar net als
destijds vind ik het geen goede plaat.
De lijst begint met Eddie
Harris. Een pioneer in de bop. Hij speelde ook samen met mensen als Charlie
Parker en Lester Young. Zijn sax klinkt nooit zo krachtig of dominant als die
van mannen als John Coltrane. Zijn kracht zit in het subtiele. Dan een bossa
novaatje. Deze zomer heb ik veel bossa nova geluisterd. Dit is nog een staartje
daarvan. Ital Corner van Prince Jazzbo staat in een andere versie op Superape
van Lee Perry. Deze versie kende ik helemaal niet. De lp Ital Corner was een
pijnlijk door mij over het hoofd gezien meesterwerk uit Perry’s Black Ark. Nina
Simone speelde ook veel gospels. Dat bracht me naar mijn favoriete gospel
groep: The Staple Singers. Dit is daarbinnen weer een favoriet. Kelly Joe
Phelps stond ergens verstopt in één van die vele proeflijstjes. Ik heb al eens
op het punt gestaan zijn nummers helemaal te deleten. Maar voordat het zo ver
kwam, hoorde ik het nog eens voorbij komen in de trein tussen Utrecht en
Amsterdam. Ik moest even kijken door wie ik zo aangenaam verrast werd. Door
Kelly Joe Phelps dus. John Martyn verrast me nooit echt meer. Maar hij ontroerd
met wel heel vaak. Deze versie van Bless the weather vind ik erg mooi. Alleen
al de introductie. Daarin klinkt hij plotseling veel jonger en onzekerder dan
in de manier waarop hij zingt.
En dan eindelijk Nina
Simone. Eerst een gospel. En daarna my man is gone now dat ik kende van The Gun
Club. Jeffey Lee Pierce had ook een zeer eclectische smaak. Het verschil is wel
dat hij alles transformeerde naar zijn eigen muzikale idioom.
Zo af en toe luister ik naar
Bob Dylan. Ook voor mij is hij een van de allergrootsten in de popmuziek. Ik
kan er alleen niet al te veel van achter elkaar horen. Zes cd’s Basement Tapes
kan ik niet achter elkaar horen. Nina Simone is ook een goede Dylan vertolker. Luister
bijvoorbeeld ook naar haar versie van The Ballad of Hollis Brown. When I Paint
My Masterpiece kende ik uiteraard van The Band. Maar ik vind deze versie beter.
De versie van The Band behoorde nooit tot mijn favoriete Band nummers.
Dan nog twee gospels. The
Holmes brothers en Aretha franklin. Sam Cooke’s A Change is Gonna Come is geen echte
gospel. Het is een wereldse boodschap
verpakt in het gevoel voor hoop en verlossing van een gospel. En hoewel de
versie van Sam Cooke wat mij betreft de beste popsong ever is, is de versie van
Aretha Frankin meer dan alleen maar een goede cover. Het is een versie waarin
juist het gospel aspect beter tot zijn recht komt. En dan nog maar weer eens
Nina Simone. Dit keer met de blues. Jazzy blues, net als Nostalgia 77, een
Engelse band. Met zangers Julie Driscoll (tegenwoordig heet ze Tippett). Wie
Les McCan is weet ik niet. Wel dat er op een paar Atlantic R&B
verzamelingen nummers van hem staan. Dit hoort tot de soort jazz waar ik graag
naar luister. Het lijkt een beetje op The In Crowd van Ramsey Lewis. Maar daar
mag je zelf naar luisteren.
Love me or leave me is al
heel lang een favoriet Nina Simone nummer. De pianosolo is ook erg mooi. In de
stijl van Bach begrijp van de wikipedia. Daarna nog een mooi pianonummer van de
nederladse pianist Egbert Derix en de Engelse zanger Iain Matthews (ooit
oprichter van Fairport Convention). Dit nummer heb ik wel vaker in lijstjes
gezet. Het blijft een van de mooiste nummers die ik via spotify heb ontdekt. En
daarna nog weer eens Nina S. Tja, wat zeg je over zo’n prachtig gedragen en emotioneel
nummer? Niets dus. En dan komt nu Van Morrison om de hoek kijken Dit is het
enige nummer van Astral Weeks dat ik echt goed vind. Dit is hoe een pastoraal
nummer hoort te klinken. Als afsluiting een painoversie van When the Ship Comes
In van Bob Dylan. De officiële versie staat op de lp The Times They Are A-Changin'. Dat is een gitaarversie. In deze versie speelt hij (of
iemand anders) nogal rudimentair piano. Maar dat maakt het nummer nou juist
weer zo leuk.
En als extraatje nog een prachtig optreden van The Staple Singers
Bestaat er dan nog
rechtvaardigheid? Op spotify staan in ieder geval nog twee nummers van de geweldige
Evan Johns And The H- Bombs. Twee nummers van de prachtige lp Rollin' Through
The Night. Typisch Texaanse rock. In de jaren 80 werd heel veel van dit soort
muziek gemaakt: Jason & The Scorchers, Lyres, Leroi Brothers, Fuzztones,
Fleshtones. De muzikanten kwamen niet altijd uit Texas, maar de invloeden
duidelijk wel. De meeste van deze bands kenden ook een wat rustigere kant. Heel
wat van deze (pseudo) Texanen hebben prachtige ballads gemaakt. Maar in mijn
lijstjes staan normaal al genoeg ballads. Daarom alleen het ruigere werk.
Hoewel ik het stempel ruig nog redelijk extreem is voor deze lijst. Het is wel
wild en opwindend. Want dat was het in de jaren 80. Dit keer een historisch
zuivere lijst met alleen nummers uit die jaren 80. Let vooral op het nummer van
The legendary Stardust Cowboy. Verreweg het slechtste nummer van de lijst. Maar
juist die valse zang, de trompet die op geen enkele manier iets te maken heeft
met de rest, de drummer die af en toe helemaal de draad kwijt is en de atonale
gitaarsolo geven het nummer juist haar kwaliteit. Gebrek aan kwaliteit is
ook een kwaliteit. Deze bak schreeuwerige herrie heeft ook nog eens een
prachtige titel: Relaxation.
Op de website Austin
Chronicle staat een mooi artikel
over Evan Johns uit 2012. Over de jaren 80 met Evan Johns zegt Joe Doerr van The
Leroi Brothers “We were a little shocked by his drinking. One day the band went
to get Johns at his hotel room and found a three-foot pile of beer cans”. Zijn drankgebruik is aan hem af te zien. Mooi, maar ook
triest citaat van Evan Johns zelf: "I need to have both hips replaced, but
the doctors said I wouldn't live through the surgery, I'm too weak." Inmiddels is het 2015 en het goede nieuws is dat hij
nog steeds leeft. Hoe weet ik niet.
Evan Johns
And The H- Bombs – You’re A Cutie
Evan Johns
And The H- Bombs – Madhouse
Husker Du – Don’t
Want To Know If You Are Lonely
Fuzztones –
She’s Wicked
Nomads – I’m 5
Years Ahead Of My Time
Thin White
Rope – Lithium
Firehose – Chemical
Wire
Half Japanese
– Bright Lights, Big City- Charmed Life
Hoera!!! Eindelijk!!, Adrian Sherwood heeft de
catalogus van On U Sound op Spotify gezet. Of in ieder geval heel veel. Ik mis
nog all time favorite London Underground. Dat staat wel op YouTube .
Waar ik vooral heel erg blij mee ben is dat de meeste lp’s van de Pay It All
Back serie er op staat. Daar staan pareltjes op die nergens anders te vinden
zijn. Ik sprak in 2003 op een concert van Adrian Sherwood iemand die alles
tot midden jaren 90 van Adrian Sherwood had. Hij was opgehouden met verzamelen
omdat de output van hem toen toch echt wel minder begon te worden. Maar in de 20
jaar daarvoor was er erg veel moois. Ik hou vooral van de platen die hij met zijn
“eigen” muzikanten heeft gemaakt. Vanaf midden jaren 80 begon hij ook platen
van anderen te produceren, zoals Cabaret Voltaire en vooral Nine Inch Nails,
die het in de VS goed deden. Met een vaste groep mensen heeft hij, in
verschillende samenstelling, heel veel platen gemaakt. Bijvoorbeeld met drummer
Keith LeBlanc, bassist Doug Wimbish en gitarist Skip McDonald onder de namen
Tackhead, Strange Parcels en Little Axe. Dough Winbish stond ook hoog op de
lijst om Bill Wyman op te volgen bij de Stones. Uiteindelijk is alleen Tackhead
zanger Bernard Fowler naar de Stones gegaan. Tot de dag van vandaag (23 augustus
2015 iIs hij achtergrondzanger van The Stones. Bands die alleen met Adrian
Sherwoon werken (of werkten) zijn o.a. Dub Syndicate, Singers & Players,
African Head Charge, Creation Rebel. En niet te vergeten Mark Stewart & The
Mafia. Dat was het eerste wat ik ooit van Sherwood hoorde. Volgens mij op een
zondagmiddag bij mijn ouders thuis bij de VPRO. Ik had nog nooit zoiets
gehoord. Het was reggae, maar op een manier die totaal anders was. Radicaler.
Veel reggae werd vooral verwaterd tot tandeloze deuntjes, zoals 10CC of Doe
Maar. Dit
was serious stuff. En toch reggae.
In dit lijstje staan enkele
favorieten. Het begin van dit lijstje heb ik al meer dan 2 jaar geleden gemaakt
(12 april 2013) om precies te zijn. Van alle bands min of meer een nummer.
Behalve van The Singers & Players. Dat is een gelegenheidsband die in
verschillende samenstellingen lp’s opnam. Op de drie nummers hier hoor je 3 geweldige
zangers. Bim Sherman, Prince far I en Congo Ashanti Roy. Congo Ashanti Roy was tevens lid van the Congos, de
band die de beste reggae lp aller tijden hebben gemaakt. Of zeg maar gewoon een
van de beste pop lp’s aller tijden. Want deze lp staat op het niveau van
Electric Ladyland en What’s Going On.
Het laatste nummer is van de
laatste lp van The Dub Syndicate. Er zullen ook nooit meer lp’s van hen
verschijnen. De spil van The Dub Syndicate was drummer Style Scott. Die ook in
de jaren 80 met zijn andere band The Roots Radics enkele tientallen lp’s (!)
maakte als begeleidingsband voor producer Henry ‘Junjo’ Laws. Maar daarover een
andere keer. Style Scott werd in oktober 2014 bij zijn huis doodgeschoten. Om
te weten hoe goed The Roots Radics destijds waren, bekijk dan deze live-opnames
met Bunny Wailer uit 1986
Tja, en zo zit je in de
trein met The man who shot liberty Valance van Gene (self)Pitney in je hoofd.
Niet echt een zomerhit. Maar de grootste kitscherige arrangementen maken het
toch ook in deze tijd van het jaar verteerbaar. Ik vond het wel weer tijd
worden voor een lijstje. Met nummers die niet echt geheel zomers zijn, maar in
deze tijd van het jaar goed te verteren zijn. Ik heb weer wat andere reserve
lijstjes geplunderd en dat aangevuld. Allereerst met een nummer van de nieuwe
lp (tegenwoordig mag je weer lp schrijven, hoewel ik zelf geen werkende
platenspeler meer heb) van The Pop Group.
Ik kwam het bij toeval tegen. Ik ben
vooral fan van hun later werk, van na The pop Group. Uiteraard van het Mark
Stewart, maar nog meer van het werk van Gareth Sager: het genie achter The Pop
Group, maar ook achter Rip, Rig & Panic en de totaal over de kop rockband
Head! In een kort filmpje over de nieuwe lp van The Pop Group geeft mark Stewart
ook aan dat alle nummers beginnen met een idee van Gareth Sager. Ik heb ook het
optreden van hen op Glastonbury bijgevoegd. Daar hoor je vooral ook hoe goed
drummer Bruce Smith is.
De nieuwe combi Franz
Ferdinand en Sparks (FFS) vind ik verrassend goed passen bij The pop Group. Als
extraatje heb ik ook een nummer van een solo lp van Sager toegevoegd. Je moet
er wel van houden, van deze vreemde mix van surf en free jazz.
Ook bleek ik niet al het
werk van favoriet Joan Osbourne te kennen. Ik hoorde bij toeval weer een nummer
van een lp van haar. Het is een cover van een erg mooi, maar relatief onbekend
nummer van John Mayall (Broken Wings) maar dat past minder bij de tijd van het
jaar. Daarom een ander nummer van deze fantastische plaat met covers. Als
voorafje vind je een aantal New orleans funk nummers. Met o.a. het nummer waar
Beck’s Loser opgebaseerd is.
Om in de sfeer van de vorige
lijst te blijven twee nummers uit de categorie power pop met zangeressen (Dum
Dum Girls en Joanna Gruesome).
Ik wilde nog meer nummers op
de lijst plaatsen. Maar spotify weigert er meer nummers zij te plaatsen. Het
zal wel een boodschap van de goden zijn dat het lijstje af is. Als afsluiter
een nummer van Mark Springer. Die is ook vooral “bekend” als de begenadigde en
geschoolde pianist van Rip, Rig & Panic.
tot slot nog een link naar een concertrecensie van The Pop Group. Ze waren trouwens ook op Best Kept Secret. Helaas gemist. Lees hier een interview met hen.
Gene Pitney -
The Man Who Shot Liberty Valance
Dr. John - Those Lonely Lonely Nights
Johnny
Jenkins - Walk On Guilded Splinters
Joan Osbourne– Plaything
Dum Dum Girls – Rimbaud Eyes
Joanna Gruesome- Madison
Gareth Sager –
Hanging Lo With The Hi Waisters
The Pop Group
– Mad Truth
FSS – Police Encounters
Roisin Murphy
– Evil Eyes
Mark Springer
(Rip, Rig & Panic) – She Gets Hungry At Night etc