zondag 25 maart 2012

Week 13


Het wordt de komende week mooi weer. Net als de afgelopen week. Dus is het tijd voor mooiweermuziek bij Radio Dove Siamo. Ik begon de lijst met het idee om wat moderne elektronische muziek bij elkaar te zetten. Maar wat dan was de vraag die mezelf stelde. En kwamen er toch vooral weer oude vertrouwde muziekjes in de lijst. Met als eerste troef Smoke City, een soort Girl from Ipanema meets Kraftwerk. Het nummer is al uit ’97. Ik heb geen idee waarom ik de cd (flying Away) ooit gekocht heb, maar mooi is hij wel. Helaas staat alleen dit Underwater Love (de “hit”) op spotify.
Andere oude bkende zijn Thievery Corporation, een groep die ik pas enkele jaren ken, hoewel hun cd’s ouder zijn: een mooie mix van allerlei World invloeden (reggae, India, dub) in een typisch Engelse, elektronische context. Ook typisch Engels is The Shamen. Uit ik meen 1992, een typisch nummer van begin jaren 90. Met een aanstekelijk positivisme. Een nummer uit de tijd dat de rave’s nog alternatief waren. In 20 jaar tijd is de danscultuur behoorlijk veranderd.
Ik verbaas me er ook altijd nog over hoe goed ik oude nummers ken. Ik hoorde Move Any Mountain nog eens terug en bedacht me hoe vaak ik dat nummer wel niet gehoord heb. Wat een zeeën van tijd had ik vroeger. Platen kregen vroeger ook eerder een tweede kans. De nieuwe Gretchen Peters (Hello Cruel World) zal die behandeling nooit krijgen. Ergens tussen Hengelo en Amersfoort was ik het zat, ik gooide de ster die de cd had van spotify en ik zal de lp waarschijnlijk nooit meer in de enorme cloud kunnen terug vinden. Het is gewone country, niets bijzonders geen bijzondere stem, geen bijzondere liedjes. Geen tweede Gillian Welch om maar wat te nomen.

maandag 19 maart 2012

Week 12



Deze week wel een muzikale reis: van Folk naar spacerock. Dit lijstje begon met een interview dat ik las met Jah Wobble en Keith Levine twee ex-leden van Public Imager Ltd, de band die Johnny Lydon (voorheen Rotten) begon na het uiteenvallen van The Sex Pistols. Twee nummers van PiL zijn me vooral bijgebleven (Careering en Rise). Careering is typisch begin jaren 80: ruw, donker. Het is me nu te pessimistisch. Rise komt uit 1986 en is van een totaal andere orde. De plaat maakte Lydon met Bill Laswell (ook van Rockit van Herbie Hanckock). Een lp met een zeer vreemde cast. O.a. Ginger Baker (Cream) op drums en Steve Vai (hardrock snarenwonder) op gitaar. De lp is niet zo goed. Rise vind ik wel mooi. Al was het maar voor de kreet: anger is an energy. Er schijnen zelf folk invloeden in te zitten. Op Rise drumt Ginger Baker volgens mij niet. Ik hoor niet het typische Ginger Baker kenmerk: de hangende tom-toms. Baker drumt veel losser dan het strakke werk op Rise. Luister naar Levitation van Hawkwind hoe hij drumt.



Verder ben ik gecharmeerd van de nieuwe Andrew Bird. Het nummer van Don McLean heb ik gejat van DJ St. Paul die draaide het laatst en ik was onder de indruk. Ook kwam ik er vorige week achter dat er 3 cd’s zijn met daarop demo’s van The Triffids. Die demo’s zijn niet zo goed als de uiteindelijke studioversies. Maar het is toch wel leuk om eens een heel rudimentaire versie van de nummers van David McComb te horen. En het valt me dan weer opnieuw op hoe wonderschoon de nummers zijn die hij heeft gemaakt.
En verder zo maar wat dingen die ik wel vond passen. Met als uitzondering Michael Kiwanuka. Door de BBC uitgeroepen tot talent van 2012. Heeft wat mij betreft wel een wat te hoog Nora Jones gehalte. Wel een goede zanger. Maar het mag wel iets spannender.


maandag 12 maart 2012

Week 11


Deze week: Arabia
Vanaf begin jaren 80 heb ik een liefde voor World Music. Met vooral een voorliefde voor Arabische muziek. Sinds Ofra Haza ben ik gegrepen door het ritme van Arabische muziek. Zeg maar het kamelenritme. En niet te vergeten de wat klagende zanglijnen en dramatische orchestraties. Bovendien is het een zeer goed verhicle voor allerlei andere invloeden, zoals hip hop, maar ook Latijns Amerikaanse invloeden kom je tegen.
Voor Dove Siamo maakt ik zo af en toe een playlist met alleen wereldmuziek. Wel altijd met muziek uit verschillende windstreken. Voor de verandering heb ik een lijst gemaakt met alleen Arabische muziek. Omdat het genre de aandacht verdient en het ‘radiostation’ ook niet te voorspelbaar moet worden. Voor volgende week voorspel ik weer wat meer ‘traditionele‘ muziek.


maandag 5 maart 2012

Week 10


Vroeger stelde ik iedere week een playlist samen voor Dove Siamo, het programma dat ik voor Radio Rataplan maakte. Vandaar dat ik dacht dat het wel leuk is om een wekelijkse playlist te maken met wat ik luister. Een soort kort radioprogramma zonder tekst. Ik ken mijn gebrek aan discipline dus verwacht niet elke week een lijst. Hopelijk wel regelmatig.
Na een week haal ik de nummers weer van spotify af. Radio is niet bedoeld voor de eeuwigheid

Spanisch dancer – steve winwood. Een geheel nieuwe versie. Zonder de suffe synthesizers die het origineel van de lp Arc of a diver uit 1980 teisteren. Arc of a diver werd destijds gezien als een enorme comeback van Steve Winwood, maar is met zijn wat kille elektronische geluid wel aardig achterhaald. Deze versie is beter

Bum Ball - Sly & Robbie van een verzamel lp. Ik heb geen idee van wie het nummer is. Want Sly & Robbie zingen dit natuurlijk niet. Ik deze lp een stukje beluisterd en kwam zo weer een nieuw reggae juweeltje tegen. Het is ongelofelijk hoeveel moois ik nog niet ken. Dit is zo te horen rond 1980 gemaakt.

Africa - Sun Ra Sun Ra is een naam die ik vanaf 1982 ken. Zijn muziek is totaal onbegrijpelijk en niet echt toegankelijk. Maar juist door dat weirde is het zo mooi. Er zit vaak een soort verborgen schoonheid achter die gekte. Dat geldt hier zeker

Baby Mine – Michelle Shocked. Haat Texas Campfre Tapes vind ik geweldig. En verder ken ik bijna niets van haar en afgelopen week bedacht ik met iets van haar te gaan luisteren. Zeker de moeite waard. Haar laatste cd is Soul of My Soul. Daar is niets aan.

Darkness – Leonard Cohen. Van zijn nieuwe cd. Ik ben eindelijk fan geworden, net als Gijsbert Kamer

Chase the darkness away – Jim White. Hierover heb ik ergens iets gelezen (ga ook niet opzoeken waar) en het daarom bewaard. Klinkt goed, de details zoek ik nog wel eens op

The Gravediggers Song – Mark Lanagan. Zijn nieuwe cd wordt weer zeer enthousiast onthaalt. Ik ken alleen de single, de rest staat niet op spotify. Op basis daarvan ben ik nog niet helemaal overtuigd.

About A Girl – Little Roy Wie verzint het: een lp vol Nirvana nummers door een reggaezanger. Maar warempel het klinkt heel goed en bij vlagen zelf erg goed.

Resurrection Blues – Otis Taylor Van Taylor kende ik een cd van enkele jaren terug (The Return of the Banjo) Die is geweldig en ouder werk van hem is ook erg goed. Zoals uit dit nummer blijkt. Je zou het blues kunnen noemen.

The Morning Comes – Deadman Ook positief ontvangen. Klinkt als een soort indie The Band. Niet erg goed, maar dit nummer is wel aardig. Niet alles hoeft briljant te zijn.


En dan nog enkele afraders, dat zijn cd’s die goed worden ontvangen en waar ik helemaal niets aan vind. Wat ze met elkaar gemeen hebben is een wat pretentieus geluid, gedragen met veel piano. Maar het klinkt of hol (zoals Shearwater) of saai (Plump van Field Music) of semi emotioneel, dwz nepdrama (Put Your back N 2 It van Perfume Genius). U zij gewaarschuwd


zaterdag 25 februari 2012

Sinead O'Connor


Vanaf het begin (vooral Nothing Compares 2 U) heb ik een hekel aan Sinead O’Connor. Maar sinds een week is dat veranderd. Op nu.nl las ik heel goede recensie van haar nieuwe cd. En stiekem was ik daarvoor al geïnteresseerd in haar cd met Sly & Robbie. Dat is een cd vol met klassieke reggae nummers uit de jaren 70. En zo werd die positieve recensie de aanleiding om eens de Sly & Robbie cd te luisteren. En man….wat is die cd goed. Alles wat ik over Sinead O’Connor ooit heb gezegd, of heb gedacht, trek ik in. Het zijn vooral nummers met een sterk dread gevoel. Als je begrijpt wat ik bedoel. Het zijn nummers waar je de wiet al bijna bij ruikt, maar ook nummers met een sterke politieke lading, langzaam rockend en dreigend. En probeer als Ierse zangeres zoiets maar eens goed te vertolken. Ook al heb je Sly & Robbie achter je. Want dat is nog geen garantie voor succes. Sly & Robbie hebben ook op verschrikkelijke platen meegespeeld, zoals 2 lp’s met Serge Gainsbourg of Infedels van Bob Dylan.
Maar zij doet het geweldig. Ik heb de hoogtepunten van de cd op spotify gezet. Wat niet weg neemt dat de rest ook erg goed is. Alleen haar versie van Curley Locks vind ik niet goed. Dat nummer is ook veel minder dread, maar eerder een vrolijk zomernummer. Het past niet zo goed binnen de rest van het mariaal. Om te laten horen dat de rest ook goed is, heb ik nog een dub-versie van Y Mas Gan toegevoegd. De hele plaat is in een dub versie als bonus later toegevoegd. Soms is een dub erg mooi (zoals Garvey’s Ghost, de dub versie van de lp Marcus Garvey van Burning Spear). En de dub versie van Jah Nuh Dead, ook van Burning Spear verschilt niet zo heel veel van de originele versie, maar misschien komt het door de achtergrond geluiden van een flinke regenbui. De dub versie klinkt veel dreigender.
Het enige wat ik er verder nog aan toe kan voegen zijn enkele originele versies en een nummer van haar nieuwste cd. Die, op basis van dat ene nummer dat ik via spotify kan horen, toch wel veel minder lijkt.